woensdag 13 januari 2010

Appelflappen

Vandaag hebben we het een beetje warmer gehad. Gisteren was het 7 graden overdag, vandaag zou het 11 graden worden. We hadden ook al een paar dagen geen zon, en veel mist gehad. Vanmiddag om 13.00 uur brak de zon door. Weliswaar niet heel uitbundig, maar toch genoeg om het wat aangenamer te hebben. Buiten zijn voelt dan beter dan binnen, maar we willen ivm de privacy van de kinderen niet buiten gaan zitten. Hoewel privacy hier nauwelijks een item is. Alleen de grotere meisjes willen niet uit de kleren. Lunchen buiten is ook geen optie ivm het stof. Kortom: we missen wel het natuurlijke licht. Want "thuisgekomen" zitten we ook binnen, zijn de luiken dicht en brandt het elektrische licht. Het guesthouse waar we verblijven is een huis dat gehuurd wordt door BNM en als er gasten zijn (geen publiekelijk guesthouse dus) bellen ze Mashi, de kokkin en zij zorgt dan voor het eten. Vandaag vonden wij dat wij maar eens iets moesten maken en dat door Mashi te laten keuren. Bovendien hadden we dan een reden om een uurtje de enige verwarmde kamer van het huis te verblijven: de keuken. Dus we hebben appelflappen gemaakt. Geen kant en klaar pak, want er is in deze kleine stad geen supermarkt. Gewoon bloem, bakmeel, zout en suiker (kaneel kennen ze niet) wat aangemaakte melkpoeder en dat op de gok bij elkaar gegooid. En het was best lekker. Mashi vond het ook. In hoeverre de beleefdheid een rol speelt weten we niet. In ieder geval ging alles op en dat zegt wel wat…!

Vandaag zijn we tegen een groot probleem opgelopen. In principe zien we alleen de schoolkinderen. Aan het eind kwam er een moeder met haar zoontje van elf maanden. Het kindje groeide niet goed. Het was een heel klein kind met een groot hoofdje. Het was al snel duidelijk dat het helemaal niet goed was met dit kindje. Han heeft het onderzocht en behalve het waterhoofd, want daar lijkt het sterk op, ook een grote lever gevonden en de testikels waren niet voelbaar. Een super klein en mager kindje, maar wel heldere oogjes. Volgens moeder waren ze naar de dokter geweest en was er een voedingsprobleem. Maar er is duidelijk meer aan de hand. Dit kindje moet naar het ziekenhuis voor onderzoek en behandeling. Maar bij navraag bleek er een probleem: geen geld, het gezin behoort tot de allerarmste groep. Op zo'n moment voel je pijn maar ook veel bewogenheid en we besloten samen dat we gaan zoeken naar een manier om dit kindje te helpen. Althans het te proberen.

Na terugkomst in het guesthouse hebben we overlegd met de CDC regio-leider. Het probleem is niet alleen geld. Het blijkt heel ingewikkeld het kindje naar een ziekenhuis te laten gaan. Het moet eigenlijk een ziekenhuis zijn dat beschikt over een CT-scan en het kindje ook kan opereren. Een medewerker kwam op het idee om met een plaatselijke kinderarts te praten over de mogelijkheden hier in Bangladesh. Eén telefoontje en 10 minuten later zaten wij met de kinderarts te praten. Het kindje zou volgens hem naar Dakha moeten (450 km hier vandaan) want alleen daar zouden ze het babytje kunnen behandelen. Iets dichterbij (200km) is een chirurg het aan het leren. We gaan kijken wat we kunnen regelen. Maar het is erg gecompliceerd. Op zulke momenten besef je des te meer dat we in Nederland erg bevoorrecht zijn. Wat ook best moeilijk is, is om te besluiten wat je wel en niet moet doen. Je kunt lang niet iedereen helpen, er zijn gewoon veel te veel tekorten hier. En help je wel echt, of schep je alleen verwachting. Want ook voor dit jongetje weten we niet of hij überhaupt wel geholpen kan worden. We gaan er voor zorgen dat in het meest dichtstbijzijnde (academische) ziekenhuis in ieder geval de juiste diagnose wordt gesteld. In dat ziekenhuis hebben ze in ieder geval een echo-apparaat en een radioloog die echo's van de hersenen kan beoordelen.

We zijn nog tot zaterdag hier in Birgonj en bezoeken de CDC's in deze regio. De reistijd wordt wel steeds langer. Heen en weer zo'n 2,5 uur. Zaterdag gaan we naar Nilphamary. Ook daar zullen we elke dag een CDC gaan bezoeken en ook self-helpgroups. Dan gaan we ook samenwerken met een ander team van stafleden. Gloria die met ons meegekomen is uit Dakha gaat terug, en Milton zal dan komen. De plaatselijke staf wisselt natuurlijk ook. Waarschijnlijk krijgen we ook een andere chauffeur. Jammer. We voelen ons best vertrouwd met de mensen hier. Maken ook grappen en werken goed samen. Maar dat zal straks ook zeker weer zo zijn, want iedereen is heel bereidwillig en stelt zich dienstbaar op.


 


 


 


 


 


 


 


 


 


 


 


 


 


 


 


 


 

e

dinsdag 12 januari 2010

village doctors

Tot nu toe hebben we elke dag een CDC bezocht. We hebben nu op zeven 7 CDC's 65-100 kinderen per CDC nagekeken. De Bengalese staf die met ons mee gaat weet al precies hoe we alles ingericht willen hebben en leggen dat uit aan de plaatselijke staf. Helaas worden onze begeleiders over een week afgelost. Maar in ieder geval weten wij nu zelf waar we op moeten letten bij het organiseren van de onderzoeken.

Vier keer hebben wij bijzondere meekijkers gehad bij de onderzoeken: village doctors. In de dorpen hier functioneren getrainde gezondheidswerkers die een beperkt aantal ziektebeelden behandelen. We hebben met een van die village doctors uitgebreid gesproken. Hij heeft een training gehad van een half jaar, van de ochtend tot in de avond meekijken met de (echte) dokter die ze opleidt. Een beperkt aantal diagnoses kan hij stellen en hij heeft weet welke medicijnen daarvoor nodig zijn. Hij heeft ook een beperkte medicijnvoorraad. Op de verkoop daarvan maakt hij een beetje winst. Deze village doctor had een verzorgingsgebied van zo'n 6 dorpen, en vertelde dat hij 50-60 mensen per dag zag. Ik weet niet of dat standaard is, maar hij kon hier van leven. Systematisch een kind nakijken, dat hadden ze nooit geleerd. Maar ik moet zeggen dat ze bij (huid)afwijkingen meestal wel de goede diagnose stelden (of in ieder geval dezelfde als Han). We hebben ze veel laten oefenen, dingen uitgelegd (via een vertaler) en vragen beantwoord. Ze vonden het allemaal erg leerzaam om met ons mee te kijken (dat zeiden ze althans). Hopelijk draagt dit ook bij aan een verbetering van de gezondheidszorg in de plattelandsgebieden.

zondag 10 januari 2010

een druppel op een gloeiende plaat

Er is veel discussie over of de komst van buitenlandse dokters naar een ontwikkelingsland wel zin heeft. Het is maar een druppel op een gloeiende plaat. En de gezondheidszorg van het land als geheel verbetert helemaal niet. En veel dokters doen dit werk alleen maar om interessante foto's te kunnen maken. Dat is misschien statistisch gezien wel waar. Maar als je hier bent, ervaar je dat toch heel anders. Je doet misschien in verhouding niet veel voor het land als geheel. Maar voor enkelingen maak je wel degelijk een verschil uit.

In elk CDC hebben we minimaal 1 kind gezien voor wie ons advies (waarschijnlijk) een belangrijk verschil maakt. Een meisje met brandwondlittekens aan haar arm, die daar meer over wilde weten; een jongen die een paar dagen terug door zijn vader was gestraft, en nu een gebroken arm bleek te hebben; een meisje met langdurige diarree voor wie de vader weigert medicijnen te kopen, omdat ze een meisje is; een kind met ernstig eczeem aan een been, waar al maandenlang met allerlei traditionele brouwsels aan wordt gedokterd; een jongen die "niet goed kan zien" en (waarschijnlijk) gewoon een bril nodig heeft. Doordat wij deze kinderen speciaal noemen, krijgen ze de speciale aandacht van de leraar, de maatschappelijk werker en van de coordinator van het CDC. Een klein beetje extra aandacht, een beetje extra druk op de ouders en soms wat extra geld voor gezinnen die het echt niet kunnen betalen, zorgen ervoor dat deze kinderen de zorg krijgen, die ze nodig hebben. Zorg die we in Nederland als vanzelfsprekend zouden beschouwen.

We zijn hier in Bangladesh omdat we het geweldig vinden om dit werk te doen. Het past bij ons, en doet ons goed om juist wat voor de allerarmsten te kunnen doen. Ja, we zijn hier ook voor onszelf. Dat is ook een stukje van onze motivatie. En tegelijkertijd zijn we hier ook om deze mensen te helpen. Om ook praktisch te helpen om de nood van deze wereld te verlichten. Misschien zijn we maar een druppel op een gloeiende plaat. Maar laat ons dan maar die druppel zijn. Als we verschil kunnen maken in de levens van enkelingen, zijn we al blij. Als we alleen deze kinderen maar hebben geholpen, dan is deze reis voor ons al geslaagd.

zaterdag 9 januari 2010

weblogetiquette

Zo'n weblog is geweldig. Je kan er op allerlei manieren wat bij schrijven, en je kan het ook op allerlei manieren volgen en er op reageren. Alleen kan er door die vele mogelijkheden ook makkelijk wel eens onbedoeld wat mis gaan. Daarom hierbij even uitleg hoe het werkt:

Iedereen die zich voor het weblog heeft aangemeld met zijn/haar emailadres staat onder het emailadres weblog@inmanumedici.nl. Het is NIET de bedoeling dat je daar een mail heen stuurt. Iedereen die een abonnement op het weblog heeft, krijgt dan die email. Als je dus per email de updates krijgt, en je wilt naar ons reageren, klik dan op "beantwoorden" en niet op "allen beantwoorden". Dan krijgen (alleen) wij de mail. Wij zijn dus bereikbaar onder htan@inmanumedici.nl en onze bij velen reeds bekende persoonlijke emailadressen.

Als je wel wilt dat iedereen jouw reactie leest, reageer dan op het weblog zelf door te klikken op "reactie". Er wordt dan naar je identiteit gevraagd. Maar je kan ook "anoniem" reageren. Of ter plekke alleen je naam vermelden (onderste optie).

vrijdag 8 januari 2010

een plaatje zegt soms meer

Om de sfeer een beetje te illustreren, hierbij wat plaatjes:

120 bruine ogen, kinderen in hun school (die bestaat uit 1 lokaal), later omgebouwd tot onze spreekkamer.


Kinderen eten hotspotch. Deze kinderen worden gesponsord door het KinderAdoptiePlan van de Kerk van de Nazarener. Van het sponsorgeld krijgen ze scholing en 6 maaltijden per week. Voor veel kinderen zijn dit de enige maaltijden die ze krijgen.




Wij eten ook hotspotch als lunch. Bestek kennen ze hier niet in het dorp. Dus wij eten ook met de hand.

De kinderen zijn echt een plaatje. Corry houdt met alle liefde de baby even vast.





Wij zijn een bezienswaardigheid. Als we ergens naar toe lopen hebben we hordes kinderen achter ons aan. En ze gaan maar al te graag op de foto.

donderdag 7 januari 2010

koudegolf teistert Bangladesh

We hadden gelezen dat het in Bangladesh in deze tijd rond de 25 graden zou zijn. In Dhaka was het al wat koeler. Onze contactpersoon Biswas waarschuwde ons in Dhaka al dat het hier een stuk kouder zou zijn. Wij zitten namelijk in het koudste gedeelde van Bangladesh. We dachten dat dat wel mee zou vallen. Nou, mooi niet dus. Voor Nederlandse begrippen valt het best wel mee. Het is hier zo'n 5 graden boven nul. En jullie halen de min 15. Maar het grote verschil is dat we hier geen verwarming in de huizen hebben. En geen ruiten in de ramen, alleen luiken aan de buitenzijde er voor.

De eerste nacht hier hebben we het dan ook echt koud gehad. De kamer en het bed voelden wat klam aan. Corry ging met haar ochtendjas over haar pyama aan en wandelsokken aan haar voeten naar bed, en Han met een T-shirt met lange mouwen (normaal draagt hij niks). Drie (dunne) dekens moesten ons verder beschermen. Helaas was het niet voldoende om het aangenaam te krijgen. De kou heeft ons wakker gehouden. De volgende nacht heeft Han (voor het eerst in zijn leven?) sokken aangehouden in bed, en met nog een extra laagje aan hebben we redelijk kunnen slapen. Onze trouwe webloglezer Willem stuurde ons nog een "opbeurend" bericht: er gaat een koudegolf over Bangladesh, waar al 14 mensen aan zijn gestorven. En er komen er nog twee. Dus vannacht waren we helemaal voorbereid. We hadden ondanks de lage temperatuur buiten toch alles open gezet en de kamer uitgebreid geventileerd om het vocht er uit te krijgen. En met de extra laagjes aan hebben we het vannacht zowaar aangenaam gehad. Maar wij hebben het nog heel riant. We komen in dorpen waar de muren van de hutten zijn opgetrokken uit takken, geen ramen dus het is de hele dag donker en koud en vochtig, en ze slapen op de aangestampte moddergrond.

Overdag dragen we ook 4 lagen kleding. Corry heeft ook een mooie omslagsjaal gekocht, die de vrouwen hier veel dragen. In de middag warmt het wel wat op, zodat er een laagje af kan. Vandaag was het heerlijk. De zon brak al in het begin van de middag goed door en vandaag hebben we voor het eerst met korte mouwen rond gelopen. Dus misschien is de eerste koudegolf nu voorbij. We hebben ook de slag van het warm douchen te pakken: eerst warm water koken. Het warme water in een grote teil stoppen. Koud water er bij tot het de goede temperatuur heeft. En dan met een kan over je heen gieten. Het gaat hier al heel vertrouwd voelen.

woensdag 6 januari 2010

120 prachtige bruine ogen: aan het werk!

Wij zijn een bezienswaardigheid. Corry nog het meest. In dit gebied komt vrijwel nooit een buitenlander. Als we ergens stilstaan verzamelt zich al gauw een groepje mensen om ons heen, die van een afstandje naar ons kijken. Aan onze Bengaalse begeleiders vragen ze waar we vandaan komen. Kinderen vinden het helemaal geweldig om ons te zien en proberen de enige woordjes Engels die ze kennen op ons uit. Om in gierende lach uit te barsten als we antwoorden.

Vandaag hebben we ons eerste CDC bezocht. Na 45 minuten rijden kwamen we te midden van de akkerbouwvelden (grotendeels droog, sommige beplant met aardappelen of rijst) terecht bij een "schooltje" opgetrokken uit houten palen als wanden en golfplaten op het dak. Totaal circa 3x6 meter aangestampte klei op de vloer, waarop de kinderen op jutekleden zaten. Ruim 60 kinderen van 6 tot 12 jaar en 1 juf. Ze waren bezig met de letters A t/m G. Bij onze aankomst stonden ze uiterst gedisciplineerd als een man op en werden we in koor gegroet. 120 prachtige bruine ogen keken ons aan. En toen begon ons hart al te smelten.

De vraag van BNM aan ons is om de kinderen op de CDC's na te kijken. Dat willen we maar al te graag doen. Gisteravond hebben we een strategie bedacht, die bleek redelijk te werken.

Voor ons bezoek aan het CDC hebben we de plaatselijke apotheek in de dichtstbijzijnde stad bezocht om te kijken wat die had. Gewoon alles dus. Opgestapeld in (voor ons oog) ongeorganiseerde hoopjes stonden allerlei medicijnen te koop. We mochten de shop (3x3m, de wanden tot boven aan toe vol met doosjes en flesjes) inlopen en op ons gemak alles bekijken. Binnen twee minuten stond er een vertegenwoordiger van een plaatselijke farmaceut op de stoep met folders van zijn merk. Er zijn hier meer medicijnen op voorraad dan bij de plaatselijke apotheek in Nederland. Waarschijnlijk is het meeste wel verlopen. De plaatselijke bevolking gaat met zijn klacht direct naar de apotheek en haalt daar medicijnen zonder recept. De apotheker is niet speciaal opgeleid, maar meer een medicijnverkoper. Meestal heeft hij wel stage gelopen bij een meer ervaren medicijnverkoper, voor hij zijn eigen shop begint.

Na aankomst in het CDC hebben we onze ruimte ingericht (het schoollokaaltje dus). Wij zaten naast elkaar en de kinderen, die buiten netjes in de rij stonden te wachten, werden per paar naar binnen geroepen, zodat wij ze konden nakijken. Te beginnen bij hun haren, eindigend bij de voetzolen. Behalve dat we regelmatig veel nieuwsgierige mensen wegstuurden, die ongegeneerd door de wanden van het lokaal (vooral naar ons) stonden te kijken, verliep alles heel rustig. Buiten werd een registratiekaartje gemaakt met naam, leeftijd (de geboortedatum was vaak niet bekend) en eventuele gezondheidsklachten. Dat kaartje konden wij dan binnen gebruiken om onze bevindingen op te schrijven. Na afloop hebben we de zaken die wij als probleem zagen nog met de onderwijzers besproken. Voor een deel van de kinderen zat hier een medicijnadvies bij. De onderwijzers geven het door aan de ouders, en dan maar hopen dat ze er iets mee kunnen.

Triest was dat heel veel kinderen klaagden over buikpijn of maagpijn, voor of tijdens of vlak na de maaltijd. De oorzaak daarvan werd snel duidelijk: honger. De maaltijd die de kinderen op het CDC krijgen is voor de meeste kinderen de enige maaltijd die ze krijgen. 1x per dag. 6x per week. Daartussendoor hebben ze honger. En als ze eten krijgen, overvoeren ze zichzelf makkelijk, waardoor ze ook weer buikpijn krijgen. Geen ziekte dus, maar een normale reactie op een abnormale situatie. Gelukkig krijgen de kinderen van de CDC's nog een maaltijd en scholing. Hopelijk is dat het begin van een blijvende verandering.

dinsdag 5 januari 2010

de grootste auto heeft voorrang

32 doden per dag in het verkeer in Bangladesh. En dat verbaast me niks. De wegen zijn wel goed, maar het verkeer is vreselijk. De rijstijl die de Bengalen hebben doet "Blik op de weg" op een rijles lijken. Dubbel inhalen terwijl je tegenligger ook aan het inhalen is, is heel normaal. Op het laatste moment inhalen en uitwijken ook. De rijstijl is brutaal en voor ons soms angstaanjagend. Corry heeft af en toe haar ogen dicht gedaan, wachtend op de knal. Gelukkig hadden we een "ervaren" chauffeur, die precies wist wat wel en niet kon.

Toch is de rijstijl niet agressief. Je toetert netjes dat degene voor je aan de kant moet gaan, we hebben dit zo'n 12x per minuut, 8 uur lang gehoord. De riksja's en tuk-tuks houden netjes in als je hun snijdt bij het inhalen. De voetgangers en fietsers gaan netjes de berm in als je hen tijdens het inhalen op hun rijstrook tegemoet rijdt. En als er zo'n grote vrachtwagen jouw kant op komt, ga jij netjes de berm in. alle verkeer gaat over dezelfde weg, en er is gewoon te veel verschil in snelheid. Officieel zijn er wel verkeersregels, maar in de praktijk maar een: de grootste auto heeft voorrang.

Dus met de hulp van waarschijnlijk zo'n 1000 engelen zijn we veilig aangekomen in Birgonj. We kwamen met donker aan, dus we weten nog niet hoe het er buiten uit ziet. Het is primitief. Geen warm water. Het is koud. Maar de warmte van de mensen maakt alles goed. Voor de stroom uitviel, hebben we nog onze klamboe opgehangen, dus we rekenen op een rustige nacht. We zullen de komende 10 nachten hier blijven. Van hier uit bezoeken we de Child Development Centers (CDC) in deze regio, 10 in totaal. Morgenochtend gaan we naar het eerste CDC. We gaan daar de kinderen (zo'n 74 op dit CDC) nakijken.

We hebben van BNM een modem meegekregen dat internetverbinding via het mobiele netwerk verzorgt. Het gaat langzaam, maar het is beter dan niks. En we hebben hier bereik, dus het werkt. Ook onze telefoons doen het. Daar zijn we blij mee. Als de stroom het regelmatig doet, kunnen we jullie op de hoogte houden.

maandag 4 januari 2010

straatbeeld Dhaka


Vandaag even een wandeling gemaakt over de straten in deze wijk van Dhaka. Het lijkt mistig, maar het is stof dat in de lucht hangt. Hoge gebouwen met een groot hek en een bewaker voor de ingang, staan naast golfplaten krotjes. Vrouwen lopen met grote manden met stenen op hun hoofd, kinderen spelen in hun blootje op straat. Blinkende luxe wagens en roestige riksja's.
Maar de mensen gaan graag op de foto. Ze zijn trots op hun mooie riksja, beschilderde vrachtwagen, het gebouw in aanbouw waar ze de electriciteit aanleggen.

de eerste briefing

Vanochtend hebben we vergaderd met de hele "senior staff" van BNM. Periodes van uitgebreid Bengaals praten werden afgewisseld met een samenvatting voor ons in het Engels. Ze bleken al een plan in grote lijnen te hebben. De beleefheid vereist dat ze aan ons vragen of we dat een goed idee vinden. Maar natuurlijk kunnen zij veel beter beoordelen wat nuttig en haalbaar is dan wij.
We zullen alleen naar het (uiterste) noord-westen van Bangladesh gaan en daar op drie verschillende plekken verblijven. Vanuit die plekken bezoeken we de Child Development Centers. De tijd is te kort om ook nog de CDC's in het zuid-westen te bezoeken. We zullen spreekuur houden met name voor de kinderen en hun familieleden. Onze komst wordt vooralsnog niet aangekondigd, ze zijn bang dat er anders 1000 man afkomt op de komst van een Dutch doctor. De plaatselijke staf weet wel van onze komst. We zijn van plan om te beginnen met een ontmoeting met de plaatselijk apotheek en de plaatselijke "dorpsdokter" (een gezondheidswerker met een parttime opleiding van een half jaar).
Morgenochtend reizen we naar Birganj in het district Dinajpur. Een reis van 300 km waar we ongeveer 8 uur over zullen doen. "Be prepared." was de opmerking bij die reistijd. Het zal ons benieuwen. In Dhaka is het verkeer druk en chaotisch. Een ritje van 20 minuten is al ruim voldoende voor de zintuigen. Maar ik hoop dat het wat verder uit de stad wel wat rustiger zal zijn. Op de kaart ziet de weg er uit als een dikke rode lijn. Maar als je gemiddeld nog geen 50 km uur kan rijden, zal die rode lijn wel wat anders voorstellen dan in Nederland. We zullen het beleven.
De eerste anderhalve week gaat Gloria van de staf alhier met ons mee, om ons te begeleiden en overal te introduceren. Zij gaat ook proberen te voorkomen dat onze plaatselijke koks het eten op Bengaals nivo kruiden en daarmee onze monden en magen wegbranden.

aankomst in Dhaka

De chaos op het vliegveld komt ons vertrouwd voor. Lange rijen met donkere mensen (meest mannen) voor de douane. Heel veel Bengaalse mannen werken in het Midden-Oosten als gastarbeider. En die komen met vliegtuigen vol tegelijk naar huis. Gelukkig is dat de rij voor de Bengalen zelf. Wij hebben al een visum en er is voor die mensen een aparte rij. We staan bijna vooraan. Ook hier veel bureaucratie en na 20 minuten de door ons ingevulde formulieren bekijken, mochten we Bangladesh binnen. De enige opmerking werd geplaatst naar Corry: “You are a nurse? Good!”


Helaas voor ons duurde het heel lang voor onze bagage op de band was. De douane had bij de andere rijen inmiddels zijn werk gedaan en langzaam maar zeker kwamen de Bengalen ook bij de band werd de ruimte die Han aan de band had steeds kleiner. De hoffelijkheid was ver te zoeken, zelfs niet (speciaal niet?) voor vrouwen. Na anderhalf uur een beetje duwen en trekken in de menigte kwam eindelijk onze tweede koffer op de band en konden we naar buiten.

Achter de schuifdeuren stond een mannetje met een groot bord “Dr. Han and Corry Tan. Netherlands”. Milton stond al die tijd al te wachten en vroeg zich zelfs af of hij ons gemist had. We waren alle drie blij om elkaar te zien.

Buiten stonden er nog meer mensen, die met hoge hekken en door agenten met fluitjes en bamboestokken van de parkeerplaats van het vliegveld werden afgehouden. Alleen met een speciaal kaartje mag je het vliegveldterrein op komen. Heel veel geschreeuw en getoeter. En dat kwam ons vertrouwd voor. We hebben hetzelfde in Nepal meegemaakt, alleen stonden daar geen hekken en vochten gelijk tien mannen om jouw bagage te mogen dragen. Hier werden we niet bestookt door dragers en taxichauffeurs, alleen door muggen. Dit is wel rustiger!

Milton had vervoer geregeld. En na 20 minuten rijden door mensenmenigtes, slalommend tussen riksja’s, over afwisselend asfaltwegen en blank staande onverharde wegen, kwamen we aan bij het guesthouse, tevens hoofdkantoor, van de Bangladesh Nazarene Missions. In deze wijk lijkt dit het enige gebouw dat af is. Buiten wordt druk gewerkt en is het een grote modderpoel. Binnen is het rustig en schoon. Onze kamer is ruim en comfortabel genoeg. Het water was koud, tot er een speciaal knopje voor bleek te zijn. Er zijn in twee kamers 15 schakelaars (en maar twee lampen per kamer), van ongeveer de helft weten we waar ze voor dienen. Het guesthouse heeft een kok. En aangezien we de enige gasten zijn, hebben we dus een privé-kok. We hebben heerlijk gegeten, en na een warme douche gingen we om half negen plaatselijke tijd slapen.

zaterdag 2 januari 2010

afscheid nemen is niet leuk

Afscheid nemen is niet leuk. We hebben net onze familie gedag gezegd op het vliegveld en zitten nu bij de gate. Over een half uurtje aan boord. Afscheid nemen is helemaal niet leuk. Maar afscheid nemen bestaat niet, we nemen iedereen in ons hart mee.
De afgelopen dagen hebben in het teken gestaan van inpakken en voorbereiden, maar vooral ook van veel lieve mailtjes en telefoontjes en persoonlijke gesprekken, van en met mensen die ons een goede reis wensten.
We zijn er nu helemaal klaar voor. Het voelt nog niet zo dat we straks in een ander werelddeel zitten, maar het is toch echt zo.
Ons volgende bericht is van buiten Europa....

maandag 28 december 2009

aftellen

Eerst telden we af in maanden, toen in weken, nu in dagen.
Nog maar vijf dagen en dan vliegen we naar Bangladesh. De kerstboom is weer afgetuigd. Onze portefeuilles op ons werk hebben we overgedragen. Onze to-do-list heeft nog maar een paar open vakjes, waar nog geen vinkje staat. Onze koffers staan al een tijdje in het zicht, die gaan in de komende dagen gevuld worden. We zeggen mensen gedag.
De reis komt nu echt dichtbij.
Door alle drukte raakte onze passie af en toe op de achtergrond. Maar de laatste tijd is dat anders. Een TV-programma, een gesprek met een collega-Azië-ganger, mensen die met ons meeleven, mensen die hun respect uitspreken voor wat wij doen, allerlei kleine en grotere gebeurtenissen en ontmoetingen inspireren en motiveren ons voor deze reis.
We zien er naar uit. Fijn dat jullie met ons meelezen en meeleven.

zaterdag 19 december 2009

Contrasten

Het is bijna niet voor te stellen dat het op dit moment hier in Nederland echt winter is met temperaturen van -10 terwijl het in Bangladesh en Sri Lanka op hetzelfde moment +29 is! Wat een verschil.

Over precies 2 weken vertrekken we op dit tijdstip richting Düsseldorf. De kinderen brengen ons weg. Schiphol zou dichterbij zijn maar dan zouden we via London moeten vliegen en dat maakt de reistijd (nog) veel langer. Allerlei opties zijn bekeken maar in de ‘nachtelijke uren’ reizen gaf nog de beste aansluitingen. Van echt slapen zal niet veel komen verwachten we!

Het is wel een raar idee dat we, te midden van allerlei drukte rondom de komende Feestdagen, ook bezig zijn met allerlei geregel rondom ons vertrek. De koffers staan (leeg) in de slaapkamer terwijl de kerstcadeautjes zich onder de kerstboom verzamelen. De To Do List helpt enorm want onze harde schijven in ons hoofd raken aardig vol.

Of onze mobieltjes daar werken is nog onduidelijk. In Sri Lanka verwachten we van wel want Sioe Sin is afgelopen zomer op vakantie geweest in Sri Lanka en zij had bereik. Maar zij trok rond en wij zitten in de heuvels. We moeten het afwachten. We gaan in ieder geval hard ons best doen om contact met Nederland te houden.

Tijden

Op onze computer hebben we drie klokken staan. Ze geven de tijd aan die het op dat moment is in Nederland, in Bangladesh en in Sri Lanka. In Bangladesh is de tijd 5 uur later en in Sri Lanka 4,5 uur later. Met opbellen en sms-jes is dit wel handig om te weten!

Ons reisschema:
2 januari 2010: 20.45 uur vertrek naar Dhaka (Bangladesh) met een overstap in Dubai. Aankomst in Dhaka op 3 januari om 16.15 uur lokale tijd. Dan is het in Nederland 11.15 uur
7 februari: 02.40 uur vertrek naar Colombo (Sri Lanka) met een overstap in Kuala Lumpur (Maleisië) en een tussenlanding in Singapore. Aankomst in Colombo 17.45 uur.
25 maart: 02.55 uur vertrek uit Colombo en na een overstap in Dubai zullen we in Dusseldorf aankomen om 12.50 uur.

zondag 13 december 2009

logeren bij Bangladesh Nazarene Missions

Wat kan een simpel mailtje toch veel goed doen!

Gisteravond kregen we een mailtje van onze contactpersoon in Duitsland, Hermann Gschwandtner, namens onze kerk in Bangladesh. Hij vertelde ons tot in detail, wat we moesten doen, bij aankomst in Dhaka. We weten nu in welke rij wel , en vooral in welke rij we niet hoeven te staan. Gewoon er langs lopen volstaat, zeker als je een das om hebt... Niet vergeten een das in mijn handbagage te doen! Wat ook heerlijk is, is dat we worden opgehaald van het vliegveld. De eerste nachten verblijven we in het guesthouse van de Bangladesh Nazarene Missions. Dat is in ieder geval geregeld.

we mogen Bangladesh in

De afgelopen week hebben we aan onze to-do-list gewerkt. Het meest bijzondere was toch wel een uitstapje naar Bangladesh in Nederland.
We zijn even in Bangladesh geweest. Op de ambassade in Den Haag om precies te zijn. Om onze visa aan te vragen en op te halen. We hadden mooie uitnodigingsbrieven van de Bangladesh Nazarene Mission en een klein stapeltje ingevulde formulieren. Aan het eind van de dag kregen we onze paspoorten terug, met mooie visa er in. We mogen ook het "echte" Bangladesh in.

vrijdag 4 december 2009

To Do List

Oeps wat is die lijst lang. Drie maanden weg van huis, kerk en werk brengt allerlei geregel met zich mee. Behalve het afronden van taken en overdragen van werkzaamheden moeten er ook voorbereidingen voor de reis getroffen worden. Dat varieert van het boeken van de vliegtickets tot het kopen van DEET tegen insectenbeten en nog een heleboel er tussenin.

Al langer werken we met lijstjes op papier, in de computer en veel lijstjes in het hoofd. Vandaag een heuse To Do list gemaakt. Over 4,5 week is ons vertrek al. Te laat begonnen? Nee, maar veel dingen kun je gewoon niet lang van tevoren regelen. Volgende week hebben we een week vakantie en gaat er aardig wat afgevinkt worden van wat op de To Do list staat. We gaan onder andere naar de Ambassade van Bangladesh om onze visa te regelen. We sturen liever geen paspoorten op en gaan “live”. Een bezoek aan de tandarts om de vullingen te laten checken want liever geen tandprobleem in het verre oosten. Reisvaccinaties halen want we willen graag gezond blijven en geen tropische ziektes opdoen. Hééél veel DEET gaan we kopen en een geïmpregneerde klamboe want er vliegt van alles in die landen en we willen zoveel mogelijk voorkomen dat we Malaria, Dengue of Japanse Encefalitis oplopen. Een stel lichtgewicht koffers op 4 wielen staat ook op de lijst. 20kg mogen we meenemen en dat is in de praktijk niet veel. In Banglasdesh en Sri Lanka is het warm in de tijd dat wij er zijn maar aangezien er ook hoogteverschillen zijn kan het ’s avonds behoorlijk afkoelen. We gaan nog na of er een kledingcode is. We willen ons graag aanpassen want opvallen doen we waarschijnlijk toch al.

Corry hoopt dat er nog ruimte is om wat pakken koffie mee te menen. Want helaas in de Lonely Planet staan hier geen gunstige berichten over een een echt hollands bakkie op ‘speciale’ momenten is toch wel aantrekkelijk. Gelukkig is er wel veel thee want in Sri Lanka vertoeven we temidden van de theeplantages.

Wat gaan we nog meer regelen? Een andere telefoonabonnement afsluiten en een telefoon met Dual Sim kopen. Een nieuwe laptop is gisteren afgeleverd en alle gegevens moeten overgezet. De post moet doorgestuurd en bekeken worden want rekeningen moeten betaald worden! Zorgen dat we kunnen telebankieren vanuit de internet-café’s die we hopelijk zullen tegenkomen.

Kortom zo’n To Do List is noodzakelijk en handig en het geeft ook een goed gevoel om ‘vinkjes’ te kunnen zetten ;-)


donderdag 26 november 2009

geen roos zonder doornen


Wij hebben een prachtige bos rozen gekregen: rode rozen op lange stelen. We ronden allerlei zaken af, en dit was de eerste. De functie van coördinator pastoraat in de kerk, die we min of meer samen uitvoerden, leggen we neer. Omdat we 3 maanden niet bereikbaar zijn, en dus niet kunnen coördineren.
De bos is prachtig. Maar wat de rozen bijzonder maakt, zijn de kaartjes die er aan zitten. De persoonlijke woorden van de mensen met wie we samen in het team zitten, raakten ons hart.
De roos symboliseert ook wel een beetje onze dubbele gevoelens over ons verblijf in Azië: het is vooral prachtig en erg waardevol om dat te mogen doen. Tegelijk zitten er een paar pijnpuntjes aan vast. We zullen veel mensen missen, in de eerste plaats onze kinderen. En we kunnen sommige taken die we erg fijn vinden, niet meer uitoefenen.

woensdag 14 oktober 2009

Bangladesh en Sri Lanka

Vandaag hebben we gesproken met Hermann Gschwandtner over hoe ons verblijf in Azië er uit zou kunnen zien. Hij geeft namens onze kerk leiding aan Zuid-Oost Azië, zowel Bangladesh als Sri Lanka vallen onder zijn verantwoordelijkheid. De CDC's zijn vooral in afgelegen dorpen. Voor de dokters van het land zelf is het erg onaantrekkelijk om daar te werken, die zijn er zo wie zo te weinig en zitten vooral in de stad.
We zullen daar pas zien wat we kunnen doen voor deze mensen, de armsten onder de armsten. We zouden een soort spreekuur kunnen houden in de dorpen. De kerk wil ook multivitaminen en ontwormingskuren daar uitdelen. Nazarene Compassionate Ministries, de hulpverleningsorganisatie van onze kerk, gaat kijken of ze daarvoor kunnen zorgen.

In beide landen komt er wel af en toe een medisch team voor een week, maar niet voor langere tijd. We weten nog niet wat we daardoor meer zouden kunnen doen. In Bangladesh worden dorpsdokters opgeleid. In een half jaar worden mensen getraind om de medische zorg in hun (afgelegen) dorp te geven. Als we daar wat langer zitten, kunnen we misschien aan die training bijdragen. Spannend. Het zal pionieren worden.